Khutba 32 - Ashaboe’l Oechdoed -6-

Khutba 32 - Ashaboe’l Oechdoed -6-

Beste broeders en zusters,

 

Zoals jullie weten behandelen wij sinds een aantal weken het bekende verhaal ‘Ashaboe’l Oechdoed’. Vorige week waren wij beland bij de volgende uitspraak van de profeet:

 

“... De koning liet de jongeman onmiddellijk de gevangenis ingooien en begon hem zo erg te martelen dat hij het ook niet aankon en de plaats van de priester vertelde.”

 

De jongen, de priester en de vriend van de Koning waren nu allen opgepakt… Hoe zal de koning deze drie personen behandelen? Vandaag zal ik met de wil van Allah vertellen hoe het zal aflopen met deze drie helden. Het werken is aan ons en het succes komt van Allah.

 

De boodschapper van Allah zei:

 

Hierop werd de priester opgezocht en meegenomen naar de koning waarna aan de priester werd bevolen om zijn geloof te verlaten. Maar de priester was zeker van zijn zaak en was vastbesloten zijn geloof door te zetten/ besloot niet af te dwalen van zijn zaak. Daarop werd er een zaag gebracht en midden op zijn hoofd gelegd. En het hoofd van de priester werd in tweeën gezaagd en beide delen vielen op de grond.

 

De priester wilde afstand houden van problemen, maar toen de problemen hem hadden gevonden toonde hij geduld en maakte Allah hem sterk. Hierdoor heeft Allah hem geprezen en praat men al eeuwen lang over hem in verschillende gelegenheden.

We kennen niet zijn naam nog zijn afkomst en nog zijn familie maar deze priester is een eervolle eerbiedwaardige man, daar twijfelen we niet over. We houden van hem omwille van Allah. Moge Allah tevreden met hem zijn.

 

Men zou kunnen denken hoe het mogelijk is dat de priester het kon verdagen dat zijn hoofd in tweeën werd gezaagd?

 

Het antwoord:

 

قال الرسول عليه الصلاة والسلام في الحديث الذي رواه النسائي وغيره: إن الشهيد لا يشعر بوقع القتل إلا كما يشعر أحدكم بالقرص

 

“De pijn die een gesneuvelde ondervindt tijdens zijn overlijden staat gelijk aan de pijn die de mensen onder jullie voelen bij het knijpen (denk maar bijv. aan een beet van een mier…)”

 

Vervolgens werd de vriend van de koning gebracht. Waarna aan de vriend van de koning werd bevolen om zijn geloof te verlaten. Maar de vriend van de koning was zeker van zijn zaak en besloot niet af te dwalen van zijn zaak. Daarop werd er een zaag gebracht en midden op zijn hoofd gelegd. En (ook) het hoofd van de vriend van de koning werd in tweeën gezaagd en beide delen vielen op de grond.

 

Heel merkwaardig! Deze man is pas gaan geloven in Allah. Hij is getuige van hoe de priester is vermoord en weet dat hijzelf straks ook dood zal gaan op een pijnlijke manier, maar verlaat niet zijn geloof. Waarom? Omdat de juiste geloofsleer in zijn hart had plaats genomen, en wanneer dat gebeurt, heeft die geen lange tijd nodig om standvastig te worden. Deze geloofsovertuiging gaat niet op een koele manier de harten in. Deze akidah met haar glasheldere en duidelijke bewijzen betreedt de harten op een warme manier en wortelt zich diep. Maar vandaag zien we dat de meeste moslims, na zelfs 30 40 jaar moslim zijn, niet standvastig zijn. Ze geven zich snel over aan hun lusten en influisteringen van de duivel. De grootste reden voor dit is dat de juiste geloofsovertuiging niet in hun hart heeft plaats genomen. De geloofsovertuiging die zij van hun moeder, vader en ouderen hebben aangenomen zorgt voor een snelle afdwaling naar de grond. Terwijl de geloofsovertuiging die gebouwd is op kennis en tekens van Allah heel soepel en met warmte het hart in zal gaan en zich diep zal wortelen. De afdwaling van deze persoon is heel moeilijk. Vandaar dat de vriend van de koning standvastig bleef tijdens de zware beproeving. Moge Allah de Verhevene ons ook standvastig maken in ons geloof!

 

Vervolgens werd de jongeman gebracht. Hem werd hetzelfde bevolen. Verlaat je geloof! Hij was ook vastbesloten.

 

De koning liet de jongeman niet direct vermoorden, want als hij zou afzien van zijn zaak dan zou er geen probleem meer zijn. Waar zou hij weer zo een persoon, die kennis had van tovenarij, kunnen vinden? Er waren wonderbaarlijke zaken bij deze jongen. Hij kon de zieken genezen... Daarom deed hij zijn laatste pogingen om hem te keren tot ongeloof. De koning liet zijn vriend en de priester gelijk vermoorden, want hij had hun niet nodig, maar de jongeman was anders... Hij hield zijn hoop tot de laatste momenten opdat hij misschien zou afzien van zijn zaak.

Met de hoop dat de jongeman zou afzien van zijn zaak kwam hij als laatste bij het kind en begon hij eerst bij de priester en zijn vriend. De koning begreep al heel gauw dat het kind ook vastberaden was.

 

De koning beval aan zijn mannen om hem mee te nemen naar de top van de berg en daar opnieuw hem te bevelen om zich te keren van zijn geloof en zei tegen zijn mannen: “Als hij toestemt, is dat mooi, zo niet gooi hem dan van de berg af.”

 

De koning liet het kind niet vermoorden op dezelfde wijze zoals zijn vriend en de priester. Er waren een paar redenen hiervoor:

 

  •  de dood van de jongeman moest op een natuurlijke wijze gebeuren, het moest op een ongeluk lijken. De jongeman was bekend geworden. Dat de koning de jongeman liet vermoorden zou het volk kunnen boos maken.

     

  • En natuurlijk zoals ik net heb gezegd, de koning wilde de jongeman aan zijn eigen kant zien. Daarom wilde hij hem nog laatste kansen geven. Onderweg, bij het beklimmen van de berg en aan de top van het berg kon hij zich nog bedenken...

     

    En de mannen van de koning deden wat de koning van hen vroeg. De jongeman zei: “Oh Allah!” Red mij op welke manier u wenst mij te redden! Kijk het vertrouwen in Allah! Hij was overtuigd dat de Heer hem in geen enkele opzicht tekort zou schieten (we hebben het eerder gehad over het vertrouwen hebben tijdens de smeekbeden). En met deze overtuiging is de jongeman gericht tot zijn Heer. “Oh Allah! Red mij op welke manier u wenst mij te redden!”

    Degene die gericht is tot zijn Heer vol overtuiging, met een rein hart en vol verwachting zal zeker antwoord krijgen op zijn verwachtingen en zal niet teleurgesteld zijn. En deze jongeman ziet het antwoord op zijn smeekbeden al heel snel...

     

    Dit is de wens van Allah, dit is de barmhartigheid van Allah, niets is in staat om Allah machteloos te laten. Niets kan tegen hem op. Geen enkel wezen wat op de grond is of wat in de lucht is, kan hem verhinderen. Dit is een vereiste deel van de geloofsovertuiging. Bij hedendaagse moslims is dit gedeelte heel erg verzwakt. Als dit deel van de geloofsovertuiging in orde en sterk was dan zou niemand de moslims kunnen verlagen en verzwakken...

     

     

    Hierop begon de berg te schudden en viel iedereen van de berg af behalve de jongeman. De jongeman liep naar de koning toe. De koning vroeg: “Wat is er gebeurd met jouw mannen die ik met jou had meegestuurd? En de jongeman antwoordde: “Allah heeft me gered van hun kwaad.”

    De koning wilde het verlies niet voor zichzelf rekenen en vraagt daarom: “Wat is er gebeurd met jouw mannen die ik met jou had meegestuurd? Hij zou eigenlijk het volgende moeten zeggen: “Wat is er met mijn mannen gebeurd?”

     

    De koning voelde dat er iets vreemds aan de hand was. Want hoe kon een klein jongentje uit de handen van een groep soldaten ontsnappen? Dit was wel heel erg vreemd.

     

    De koning had een ander plan bedacht. Maar wat dat plan inhoudt, zal ik jullie met de wil van Allah volgende week vertellen.

     

     

    “Wa’l-hamdoelillahie Rabbi’l A’lemien.”