Khutba 34 - Eerste tien dagen van …

Khutba 34 - Eerste tien dagen van Dhoel-Hijjah

Beste broeders en zusters,

 

Alle lof voor Allah, Hij die tijd heeft gemaakt en sommige tijden beter dan andere tijden, sommige maanden en dagen en nachten beter dan ander. Tijden wanneer beloningen vele malen vermenigvuldigd worden, als een barmhartigheid voor zijn dienaren.

Dit zet de moslim aan om meer rechtschapen daden te verrichten en het maakt hen meer enthousiast om Hem te aanbidden. De moslim hernieuwt zijn inzet om zijn aandeel in de beloning nog groter te maken. Hij bereidt zich voor op de dood en zal zichzelf beter uitrusten voor de Dag van het Oordeel

Deze speciale tijden om te aanbidden brengen vele voordelen, zoals de mogelijkheid om zijn fouten te corrigeren, tekortkomingen goed te maken of gemiste kansen in te halen. Ieder van deze speciale gelegenheden brengt een bepaalde soort aanbidding met zich mee die de moslim dichter tot Allah brengt. En een bepaald soort zegening waarmee Allah Zijn gunst en barmhartigheid schenkt aan wie Hij ook wil.

De gelukkige is diegene, die het meeste maakt van deze speciale maanden, dagen en uren en die dichter tot zijn Heer komt gedurende deze tijden door aanbidding. Hij zal hoogst waarschijnlijk geraakt worden door de zegeningen van Allah en zal het geluk voelen van de wetenschap dat hij veilig is voor de vlammen van de hel (Ibn Rajab, uit al-Lataa’if)

Eerste tien dagen van Dhul-Hijjah

De maand Dhul-Hijjah is een bijzondere maand voor de moslims. Het is de maand waarin de Hadj plaatsvindt, de grote bedevaart naar Mekka, die behoort tot de vijf zuilen van islam. Het is de maand waarin Eid al-Adha plaatsvindt, de dag van Arafa en de dagen van Tashriq. Ook is het de maand waarin de eerste tien dagen van Dhul-Hijjah een verheven positie bezitten.

Allah zweert een eed op deze dagen, en een eed zweren bij iets is een indicatie van de belangrijkheid en het grote voordeel. Allah zegt (wat vertaald betekend)

وَالْفَجْرِ وَلَيَالٍ عَشْرٍ

"Bij de dageraad. Bij de tien nachten". (alFadjr: 1-2)

Ibn Abbaas, Ibn Al-Zubayr, Mujaahid en ander van de vroegere en latere generaties zeggen dat dit betrekking geeft op de eerste tien dagen van Dhul-Hijjah.

De Profeet (vrede en zegeningen zij met hem) zei over de eerst tien dagen van Dhul-Hijjah:

مَا مِنْ أَيَّام الْعَمَل الصَّالِح أَحَبّ إِلَى اللَّه فِيهِنَّ مِنْ هَذِهِ الْأَيَّام

“Er zijn geen dagen waarop de goede daden meer geliefd zijn door Allah dan deze tien dagen.” 1

Ibn Abbaas (moge Allah tevreden over hem en zijn vader zijn) heeft overgeleverd dat de profeet (Moge Allah hem zegenen en vrede schenken) zei:

مَا مِنْ أَيَّام الْعَمَل الصَّالِح أَحَبّ إِلَى اللَّه فِيهِنَّ مِنْ هَذِهِ الْأَيَّام " قَالُوا وَلَا الْجِهَاد فِي سَبِيل اللَّه ؟ قَالَ" وَلَا الْجِهَاد فِي سَبِيل اللَّه إِلَّا رَجُلًا خَرَجَ بِنَفْسِهِ وَمَاله ثُمَّ لَمْ يَرْجِع مِنْ ذَلِكَ بِشَيْءٍ

"Er zijn geen dagen in welke de rechtgeaarde daden meer geliefd zijn door Allah dan deze tien dagen." De mensen vroegen: "Zelfs niet de Jihaad (strijdt) uit naam van Allah? " Hij zei: "Zelfs niet de jihaad uit naam van Allah, uitgezonderd in het geval van een man die vertrekt om te vechten en die zichzelf en zijn vermogen opgaf voor deze zaak en terugkomt met lege handen". (Al-Bukhari)

Ibn Abbaas (moge Allah tevreden over hem en zijn vader zijn) vermelde tevens dat de profeet (Moge Allah hem zegenen en vrede schenken) zei:

"Er is geen daad meer geliefd in de ogen van Allah, nog groter in beloning, dan een goede daad verricht tijdens de tien dagen van het Offeren". Hem werd gevraagd: "Zelfs niet de Jihaad (strijdt) uit naam van Allah? " Hij zei: "Zelfs niet de jihaad uit naam van Allah, uitgezonderd in het geval van een man die vertrekt om te vechten en die zichzelf en zijn vermogen opgaf voor deze zaak en terugkomt met niets".
(Vastgelegd door al-Daarimi, 1/357; zijn isnaad is hasan zoals verklaard in al-Irwaa’, 3/398).

Deze teksten en anderen geven aan dat deze tien dagen beter zijn dan alle andere dagen in het jaar, zonder uitzondering, zelfs niet de laatste tien dagen van ramadan. Maar de laatste tien nachten van ramadan zijn beter, omdat daarin Laylat al-Qadr ("De nacht van het Gezag") valt, welke beter is dan duizend maanden. Aldus kunnen de verschillende verslagen samen gebracht worden. (volgens Ibn Katheer).

Deze Hadith leert ons de verheven positie van deze eerste tien dagen van Dhul-Hijjah kennen. Hoewel goede daden altijd geliefd zijn bij Allah, zijn de goede daden in deze tien dagen nog meer geliefd door Hem dan op andere dagen. Het zou dus logisch zijn als we onze goede daden in deze dagen zouden vermeerderen, om zo het welbehagen van Allah te zoeken. Zou het niet vreemd zijn om hier geen gebruik van te maken?

Daden tijdens de eerste tien dagen van Dhul-Hijjah

Zoals we al zagen, zijn de goede daden meer geliefd bij Allah tijdens de eerste tien dagen van Dhul-Hijjah. De volgende daden kunnen tijdens deze eerste tien dagen verricht worden:

Berouw tonen

Oprecht berouw tonen is een plicht voor iedere moslim. We begaan dagelijks zonden, zelfs als we het niet door hebben. Het berouw tonen aan Allah is daarom een belangrijke daad. De Profeet (vrede en zegeningen zij met hem) wist dit en vroeg daarom vaak vergeving bij Allah:

“Bij Allah, ik zoek vergeving bij Allah en ik wend mij meer dan zeventig maal per dag (om vergeving vragend) tot Hem.” 2

Het tonen van een berouw is een goede daad en we zouden in deze tien dagen het tonen van berouw moeten vermeerderen om zo het behagen van Allah te verkrijgen.

Vasten

Het is aangeraden voor de moslim om te vasten tijdens de eerste negen dagen van Dhul-Hijjah. Dit vanwege de hadith waarin de Profeet (vrede en zegeningen zij met hem) zei:

“Er zijn geen dagen waarop de goede daden meer geliefd zijn door Allah dan deze tien dagen.” 3

Het vasten behoort zonder twijfel tot het verrichten van goede daden. Dit kunnen we opmaken uit de hadith qudsi waarin Allah zegt:

“Iedere daad van de zoon van Adam is voor hem, behalve het vasten. Het vasten is voor Mij en Ik zal hem ervoor belonen.” 4

Ook is er overgeleverd van één van de vrouwen van de Profeet (vrede en zegeningen zij met hem) dat hij gewend was om te vasten tijdens de eerste negen dagen van Dhul-Hijjah en andere dagen. 5 Vooral het vasten op de dag van Arafa is aan te raden.

Het verrichten van de Hadj en Umrah

Eén van de grootste daden die iemand kan verrichten tijdens de eerste tien dagen van Dhul-Hijjah is natuurlijk de Hadj. De Hadj behoort tot de vijf zuilen van de islam en door het verrichten ervan tijdens deze dagen, voldoen we aan deze zuil.

Het offeren

Het offeren is één van de daden die ons dichter bij Allah brengen. Het offeren vindt plaats op de dag van Eid al-Adha (de tiende dag van Dhul-Hijjah) en dient na het Eid-gebed gedaan te worden. Het offer wat voor het Eid-gebed gebracht wordt, is niet geldig. De Profeet (vrede en zegeningen zij met hem) heeft over het offeren gezegd:

“Wie het gebed verricht zoals ons en slacht zoals ons, zijn offer zal geaccepteerd worden door Allaah. En wie zijn offer slacht voor het Eid-gebed, het zal niet als offer geaccepteerd worden.” 6

Verder dient degene die het offer brengt, zich te onthouden van het knippen van zijn haar en zijn nagels. De Profeet (vrede en zegeningen zij met hem) heeft gezegd:

“Wanneer jullie de maan van Dhul-Hijjah zien en iemand van jullie wil een offer brengen, hij zou moeten stoppen met het knippen van zijn haren of nagels totdat hij het offer heeft gebracht.” 7

Het verrichten van smeekbeden en lofprijzingen

Het verrichten van smeekbeden is een goede daad die ook onder de goede daden geschaard kan worden. De Profeet (vrede en zegeningen zij met hem) heeft immers over het verrichten van smeekbeden gezegd:

“Niets is nobeler bij Allah dan de smeekbede.” 8

Ook heeft de Profeet (vrede en zegeningen zij met hem) gezegd:

“Er zijn geen dagen die geweldiger zijn bij Allah, of waarin goede daden Hem meer geliefd zijn, dan deze tien dagen, dus zeg veel tahliel, takbier en tahmied op tijdens hen (deze tien dagen).” 9

“Wa’l-hamdoelillahie Rabbi’l A’lemien.”

_________________________________
1: Boekhaarie
2: Boekhaarie
3: Boekhaarie
4: Boekhaarie en Moeslim
5: An-Nasaa’i, Aboe Dawoed, sahih verklaard door Al-Albaanie
6: Boekhaarie en Moeslim
7: Moeslim
8: At-Thirmidhi, Ibn Majah, Ahmed, Al-Haakim en anderen
9: Ahmed